Transatlantica

Oprichting herverzekeringsmaatschappij

Professionele herverzekeringsmaatschappij, uitgezonderd levensverzekeringen, die zich uitsluitend met dit type verzekering bezig houdt en volle dochter van DZP. Opgericht op 1 januari 1950, alle aandelen in bezit van DZP.

Als een schaderisico te groot is voor een maatschappij om te dragen, werd het object in kleinere stukken verdeeld en aangeboden aan andere maatschappijen. Denk hierbij aan fabriekscomplexen (brand, ontploffing), supertankers (averij en olie verliezen), aardbevingen en andere natuurrampen.

De voornaamste redenen voor DZP om Transatlantica op te richten waren mede gelegen in de wettelijke bepalingen dat Nederlandse Verzekeringsmaatschappijen slechts bepaalde percentages van hun premie-inkomen in het buitenland mochten reassureren en dat de deviezenbepalingen niet voor herverzekeringsmaatschappijen golden. Verder maakte deze oprichting het mogelijk om veel meer zaken te kunnen doen met buitenlandse maatschappijen en ook zaken in reciprociteit aan te kunnen bieden.

In de pers werd de oprichting als volgt vermeld:

Te 's-Gravenhage is opgericht de ‘Transatlantica’ Herverzekering Maatschappij N.V., kantoorhoudend Javastraat 1a, welke Maatschappij als arbeidsveld heeft het herverzekeringsbedrijf in de meest uitgebreide zin, met uitzondering van het levensverzekeringsbedrijf. Het maatschappelijk kapitaal bedraagt ƒ 1.000.000 waarvan geplaatst ƒ 200.000, welk bedrag geheel is volgestort.
Als leden van de Raad van Commissarissen treden op de Heren:

  • L. Proos Hoogendijk, (Voorzitter) Directeur Rotterdamsche Bank N.V.
  • Phs. van Ommeren, Lid van de Raad van Beheer Phs. V. Ommeren Scheepvaartbedrijf N.V.
  • Mr. H. Alberda, Directeur Ned. Handel-Mij
  • J.C.J Knegt, Lid Firma J.C.J Knegt & Zonen, Assurantiekantoor van 1840 te Amsterdam
  • H.M.D. Scheenstra, Makelaar in Assurantiën te Rotterdam.

De Directie wordt gevoerd door de Heer D. Quint, directeur Assurantie Maatschappij “De Zeven Provinciën” N.V. te 's-Gravenhage.
Tot Adjunct-Directeur is benoemd de Heer C.W.V. Bakker, terwijl procuratie is verleend aan Mej. Mr. L.B. Scheltema en de Heer M. Jongejan.
De ‘Transatlantica’ heeft haar werkzaamheden 1 Januari 1950 aangevangen.

Meer zelfstandigheid



In 1979 verhuisde Transatlantica naar de nieuwbouw aan de Lange Vijverberg, tevens werden plannen gemaakt om dit bedrijf zelfstandiger te laten opereren en alle herverzekeringszaken van DZP via Transatlantica te laten lopen.

De heer Bruna vertelde hierover het volgende :

“De Transatlantica bestaat al enige jaren; om precies te zijn, zij werd in 1949 opgericht door DZP, die hiermee een van de eerste Nederlandse maatschappijen was die een herverzekeringsdochter oprichtte. Omdat DZP, door onder andere haar buitenlandse activiteiten, meer bekendheid genoot gaven de meeste maatschappijen er de voorkeur aan hun herverzekeringszaken bij de moeder onder te brengen.
Nu echter zal de door DZP in de loop der jaren opgebouwde geaksepteerde herverzekeringsportefeuille suksessievelijk worden overgedragen aan ‘Transatlantica’. Met de uitbreiding van het maatschappelijk kapitaal van Transatlantica, kan nu worden gesteld dat er een stevige financiële basis bestaat, die ook internationaal gezien een zekere garantie en kontinuïteit waarborgt.

De geaksepteerde herverzekeringsportefeuille van DZP bedraagt een kleine 20 miljoen gulden. Het oude kapitaal Transatlantica bedroeg 1 miljoen gulden, waarvan ƒ 200.000,- gestort. Het huidige maatschappelijk kapitaal bedraagt 20 miljoen, waarvan de helft gestort. Vergeleken met andere herverzekeringsmaatschappijen is dit een zeer goede start.

Er zullen maatschappijen zijn waar DZP reeds een jarenlange relatie mee heeft, die waarschijnlijk Transatlantica de eerste jaren niet zullen accepteren. Uiteraard zal getracht worden om deze maatschappijen te bewegen hun herverzekeringen bij Transatlantica over te sluiten; lukt dat niet dan zal DZP naar buiten toe herverzekeraar blijven, maar intern tot retrocessie overgaan (opnieuw herverzekeren).”

Op 1 april 1981 werd de heer S.E. Bruna benoemd tot directeur van Transatlantica. Tot deze tijd waren de heren Langen en Wessels directeur van deze maatschappij. In juni 1983 werd de heer Bruna benoemd tot General Manager van het kantoor van DZP in Londen. Op 1 juni 1984 trad de heer Bruna af als directeur van de vennootschap.